Voorbereid zijn op het toelatingsexamen én op verandering
Wie zich voorbereidt op het toelatingsexamen arts, tandarts of dierenarts, wil natuurlijk zo goed mogelijk weten wat hem of haar te wachten staat. Welke leerstof moet je kennen? Welke soorten vragen worden gesteld? Hoe ziet het examen eruit en hoe pak je het best aan? Dat is logisch. Hoe beter je het examen kent, hoe gerichter je je kunt voorbereiden. Examenvragen van vorige jaren, oefeningen die aansluiten bij het verwachte niveau en simulaties van het echte examen zijn dan ook bijzonder waardevol.
Maar er is ook een andere kant aan een goede voorbereiding. Want wat als het examen plots verandert? De afgelopen jaren hebben we gezien dat het toelatingsexamen niet volledig vastligt. Er kunnen wijzigingen komen in de praktische organisatie, maar ook in de manier waarop bepaalde onderdelen of competenties worden bevraagd. Wie het examen aflegt, moet dus rekening houden met een zekere mate van onzekerheid.
Je kan niet alles voorspellen
Uiteraard is het belangrijk om te kijken naar vorige examens. Ze geven een goed beeld van wat kandidaten kunnen verwachten en vormen een belangrijke basis voor de voorbereiding. Alleen mag die voorbereiding er niet toe leiden dat je uitsluitend leert hoe je heel specifieke soorten vragen moet oplossen. Stel bijvoorbeeld dat je tijdens je voorbereiding tientallen gelijkaardige oefeningen voor fysica hebt gemaakt. Op het examen krijg je vervolgens dezelfde leerstof, maar in een context die je nog nooit hebt gezien. Of de vraag is anders opgebouwd dan je gewend bent.
Dan moet je terugvallen op wat je echt begrijpt. Dat verschil is belangrijk. Je kunt een bepaald vraagtype herkennen en weten welke formule je normaal moet gebruiken. Maar je kunt ook begrijpen waarom je die formule gebruikt en hoe je je kennis kunt toepassen wanneer de vraag anders wordt gesteld. Voor een examen dat kan evolueren, heb je beide nodig.
Ook omgaan met het onverwachte kan je oefenen
Het gaat bovendien niet alleen om kennis. Een onverwachte vraag kan twijfel veroorzaken. Een nieuwe formulering kan ervoor zorgen dat je meer tijd nodig hebt dan voorzien. En wanneer een eerste deel van het examen moeilijker aanvoelt dan verwacht, is het soms lastig om dat los te laten en geconcentreerd verder te werken.
Ook dat maakt deel uit van een toelatingsexamen. Daarom heeft het weinig zin om tijdens de voorbereiding alleen te oefenen in omstandigheden waarin alles herkenbaar is. Studenten moeten ook leren omgaan met vragen die ze niet meteen kunnen plaatsen, informatie die op een andere manier wordt aangeboden of oefeningen waarbij verschillende stukken leerstof gecombineerd worden. Niet om hen nodeloos voor verrassingen te stellen, maar net om ervoor te zorgen dat een verrassing op de examendag geen probleem wordt.
Het examen kennen, zonder je ertoe te beperken
Bij Studant proberen we die twee elementen samen te brengen in onze voorbereiding op het toelatingsexamen arts, tandarts en dierenarts.
We vertrekken uiteraard van het examen zelf. De verwachte leerstof, de manier van vragen stellen, het tempo, de beschikbare tijd en de ervaringen uit vorige edities zijn allemaal belangrijk. Wie maandenlang werkt aan een toelatingsexamen, moet zo goed mogelijk voorbereid zijn op wat hij of zij waarschijnlijk zal tegenkomen.
Tegelijk willen we daar niet stoppen. Bij het inoefenen van de wetenschappelijke vakken is het bijvoorbeeld belangrijk dat studenten niet alleen een oplossingsmethode kennen, maar de onderliggende leerstof voldoende beheersen om die ook in een andere situatie te gebruiken. Hetzelfde geldt voor vaardigheden zoals logisch redeneren, informatie verwerken en efficiënt omgaan met tijd.
Zo wordt de voorbereiding iets ruimer dan het examen zoals we het vandaag kennen. En dat is bewust. Want niemand weet exact hoe de volgende editie eruit zal zien. Misschien verandert er weinig. Misschien worden bepaalde accenten verlegd. In beide gevallen moet een student erop kunnen vertrouwen dat zijn of haar voorbereiding voldoende stevig is.
Een goede voorbereiding betekent daarom niet dat je elke mogelijke examenvraag op voorhand hebt gezien. Dat kan ook niet. Het betekent dat je weet wat je kunt verwachten, dat je de nodige kennis en vaardigheden beheerst en dat je niet uit je lood wordt geslagen wanneer er toch iets anders blijkt te zijn dan verwacht.